Minimumbezoldiging 2026: moet je loon naar €51.000?

Minimumbezoldiging bedrijfsleider stijgt naar €51.000: moet je jouw loon verhogen?
Vanaf 2026 (aanslagjaar 2027) stijgt de minimale bezoldiging die een bedrijfsleider in bepaalde gevallen moet ontvangen om gebruik te kunnen maken van het verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting van €45.000 naar €51.000. Maar betekent dit dat elke bedrijfsleider zichzelf vanaf 2026 €51.000 moet uitbetalen? Nee.
De nieuwe grens is vooral relevant voor vennootschappen die het verlaagde tarief van 20% op de eerste €100.000 belastbare winst willen behouden. De concrete impact hangt echter sterk af van de winst van de vennootschap, de huidige bezoldiging en de persoonlijke fiscale situatie van de bedrijfsleider.
Niet voor iedereen geldt automatisch €51.000
De verhoging naar €51.000 mag niet zomaar worden vertaald naar: “Mijn loon moet met €6.000 omhoog.”
Er bestaan namelijk uitzonderingen en alternatieve voorwaarden. Zo geldt de minimumbezoldiging niet tijdens de eerste vier belastbare tijdperken van een startende vennootschap.
Ook voor vennootschappen met een beperkte belastbare winst kan de situatie anders zijn. Wanneer de bezoldiging voldoende aansluit bij de fiscale winst, kan het verlaagde tarief behouden blijven zonder dat de bedrijfsleider noodzakelijk €51.000 moet ontvangen.
Van €45.000 naar €51.000: altijd interessant?
Ook hier is het antwoord: niet noodzakelijk
Een hogere bezoldiging betekent immers meer personenbelasting en sociale bijdragen in de privésfeer. Daartegenover staat het mogelijke voordeel van het verlaagde tarief in de vennootschapsbelasting.
Voor een bedrijfsleider die vandaag bijvoorbeeld €45.000 ontvangt, moet daarom worden berekend wat het netto-effect is van een verhoging naar €51.000.
Bij een voldoende winstgevende vennootschap kan de bijkomende bezoldiging ervoor zorgen dat het voordeel van het lagere vennootschapstarief groter is dan de bijkomende privébelasting. In andere situaties kan het nettoresultaat net minder gunstig uitvallen.
Het bedrag van €51.000 is dus geen doel op zich.
Meer loon is niet automatisch meer voordeel
Een veelgemaakte fout is om uitsluitend naar de vennootschapsbelasting te kijken.
Een extra €6.000 bezoldiging betekent niet dat de bedrijfsleider ook €6.000 extra netto ontvangt. Op die bijkomende bezoldiging zijn immers personenbelasting en sociale bijdragen verschuldigd.
Daarom moet de keuze worden bekeken op het niveau van de totale netto-opbrengst van de bedrijfsleider én de vennootschap samen.
Ook de keuze tussen bezoldiging en dividend blijft belangrijk. Een lager loon kan in bepaalde situaties fiscaal interessanter zijn, terwijl een hoger loon dan weer voordelen kan bieden op het vlak van sociale rechten en pensioenopbouw.
Wat betekent dit concreet voor jou?
Er bestaat dus geen universeel optimaal loon voor een bedrijfsleider.
De juiste vraag is niet:
“Moet ik €51.000 verdienen?”
maar wel:
“Welke combinatie van bezoldiging, vennootschapsbelasting en dividend is voor mijn situatie het meest aangewezen?”
Bij Meesters Accountants bekijken we dit graag samen met jou. We analyseren niet alleen het fiscale voordeel van een bepaalde bezoldiging, maar ook de impact op je privé-inkomen en de financiële situatie van je vennootschap.
Nieuws voor elke ondernemer
Vanaf 2026 stijgt de minimumbezoldiging naar €51.000 voor het verlaagde tarief van 20% op de eerste €100.000 winst, maar meer loon is netto niet altijd voordelig.
Sinds 1 januari 2026 is gestructureerde e-facturatie verplicht voor vrijwel alle binnenlandse B2B-facturen. Lees wie onder de regels valt, welke software nodig is en welke sancties gelden.
Per 2026 combineert de liquidatiereserve een aanlegheffing van 10% met 9,8% roerende voorheffing na drie jaar. Je leest de voorwaarden, timing en vergelijking met VVPR-bis.
Klaar voor de revolutie?
Meesters accountants biedt haar cliënten gerichte begeleiding om uw onderneming optimaal voor te bereiden op de nieuwe regelgeving. Neem gerust contact met ons op.


